Ingegroeide nagel (unguis incarnatus)
Een ingegroeide teennagel, ook wel unguis incarnatus genoemd, komt meestal voor aan de grote teen. Hierbij groeit de binnen- of buitenrand van de nagel in de omliggende huid. Het lichaam ziet dit als iets lichaamsvreemds, wat leidt tot ontsteking, pijn, roodheid en soms ook wild vlees (granulatieweefsel). Dit geeft een wonde die kan infecteren (roodheid, pijn, etterig verlies en soms ‘wild vlees’).
Oorzaken van een ingegroeide nagel
Een ingegroeide nagel kan verschillende oorzaken hebben, waaronder:
- Te nauwe of knellende schoenen
- Nagels te kort of schuin afknippen
- De natuurlijke vorm of stand van de teen
- Trauma of herhaalde druk op de nagel
Behandeling van een ingegroeide nagel
Bij dreiging van ingroeien:
- Een klein plukje watten onder de nagel plaatsen om druk te verlichten
- De huid naast de nagel regelmatig naar beneden masseren
Een professionele podoloog kan hierbij ondersteuning bieden.
Bij een ontstoken ingegroeide nagel:
Als er al ontsteking aanwezig is, moet de nagel versmald worden. De nagelrand en het ontstoken weefsel worden dan volledig verwijderd tot aan de nagelbasis. De wonde wordt met hechtingen gesloten. In zeldzame gevallen moet de hele nagel verwijderd worden.
Deze ingreep gebeurt meestal ambulant onder lokale verdoving. Bij kinderen of op vraag van de patiënt kan dit ook in dagopname onder algemene verdoving.
Nazorg na de ingreep
- De verdoving werkt enkele uren. Bij pijn mag u paracetamol nemen.
- De eerste 48 uur blijft het verband ter plaatse. Rust regelmatig en hou de voet verhoogd.
- Nadien moet de wonde dagelijks ontsmet worden en een nieuw verband worden aangebracht. Indien gewenst, kan een thuisverpleegkundige hierbij helpen.
- Na 10 dagen verwijdert de huisarts de hechtingen.
Mogelijke complicaties
- Het terug ingroeien van de nagel
- Een wondinfectie
Bij problemen of vragen, neem contact op met je chirurg, huisarts of de dienst spoedgevallen.