Dikke darmoperatie
Operatie aan de dikke darm: diagnose, behandeling en herstel
De dikke darm, ook wel het colon genoemd, is het laatste deel van het spijsverteringskanaal en is ongeveer 150 cm lang. De belangrijkste functie is het onttrekken van water uit de ontlasting, zodat deze vaster wordt. Dikke darm bestaat uit 3 hoofdgedeelten: het opstijgend colon, het overkruisend colon en het dalend colon (colon ascendens, transversum en descendens). Nadien volgen de endeldarm (rectum) en de anus. Een operatie aan de dikke darm kan nodig zijn bij zowel goedaardige als kwaadaardige aandoeningen.
Diagnose van darmproblemen
Symptomen van aandoeningen aan de dikke darm kunnen variëren afhankelijk van de plaats en aard van de afwijking. Mogelijke klachten zijn:
- Bloedarmoede
- Verandering in stoelgangpatroon (afwisselend obstipatie en diarree)
- Bloed of slijm bij de ontlasting
- Zwarte ontlasting
- Aandrang zonder resultaat
- Onverklaarbaar gewichtsverlies
Onderzoeken die kunnen uitgevoerd worden om de diagnose te stellen:
- Lichamelijk onderzoek: inspectie en onderzoek van de buik en de anus. Een palpatie van het anaal kanaal en het laatste deel van de endeldarm (rectum) hoort erbij, de arts brengt daarbij een vinger in via de anus om poliepen of gezwellen op te sporen.
- Coloscopie: met behulp van een flexibele camera wordt de dikke darm onderzocht. Verdachte letsels kunnen gebiopteerd worden.
- Diverticulosis/diverticulitis: verzwakkingen in de darmwand met uitstulping naar buiten toe tot gevolg. Deze kunnen ontsteken, bloeden of perforeren.

Mogelijke aandoeningen aan de dikke darm
- Poliepen: goedaardige gezwellen van het slijmvlies die kunnen ontaarden in darmkanker.
- Diverticulosis / Diverticulitis: uitstulpingen van het slijmvlies die kunnen ontsteken of perforeren.
- Colitis: ontsteking van de dikke darm (bijv. colitis ulcerosa of de ziekte van Crohn).
- Darmkanker: kwaadaardige groei van cellen met mogelijk uitzaaiingen naar lever of longen.
Voorbereiding op de dikke darmoperatie
Voor de ingreep moet de darm volledig worden leeggemaakt met laxeermiddelen of lavementen. Soms wordt je daags voor de ingreep opgenomen om de darmvoorbereiding in het ziekenhuis te kunnen doen of als er nog preoperatieve onderzoeken moeten gebeuren. Je arts bespreekt met je welke medicatie (zoals bloedverdunners) wanneer gestopt moeten worden en welke je mag doornemen.
Soorten operaties aan de dikke darm
De exacte ingreep hangt af van de aandoening en de locatie in de darm. In principe wordt het zieke deel van de darm verwijderd, en worden de resterende delen weer aan elkaar gehecht (anastomose). Als dit niet mogelijk is, kan een (tijdelijk) stoma worden aangelegd.
Mogelijke operaties:
- Rechter hemicolectomie: verwijdering van het rechterdeel van de dikke darm.
- Linker hemicolectomie: verwijdering van het linkerdeel van de dikke darm.
- Endeldarmresectie: verwijdering van de endeldarm en aangrenzend colon.
Bij endeldarmkanker kan een definitief stoma nodig zijn als de aars volledig moet worden verwijderd.
Anesthesie en pijnbestrijding
De operatie gebeurt onder volledige verdoving, vaak wordt een ruggeprik met katheter ook nog gedaan om de pijnstilling de eerste dagen na de ingreep te optimaliseren.
Mogelijke complicaties
- Algemene risico’s: nabloeding, wondinfectie, trombose, longontsteking.
- Specifieke risico’s: lekkage van de darmnaad (noodzaak tot stoma), tijdelijke blaasproblemen, zelden impotentie bij mannen door zenuwbeschadiging.
Herstel na de operatie
Na tenminste een week is het weefselonderzoek meestal klaar. Je arts kan de resultaten met je bespreken, al zal er bij sprake van kanker eerst nog een multidisciplinair oncologisch consult (MOC) volgen waarin het beste vervolgplan wordt besproken.
- Infuus voor voeding
- Ruggenprik voor pijn
- Maagsonde tegen misselijkheid
- Drain in de buik
- Blaassonde
Wanneer de darmen weer werken, mag je eerst drinken, daarna geleidelijk overschakelen naar vaste, licht verteerbare voeding.
Na vijf dagen is het weefselonderzoek meestal klaar. Indien er sprake is van darmkanker, bespreekt de oncologische commissie of nabehandeling (chemotherapie en/of radiotherapie) nodig is.
Naar huis: nazorg en ondersteuning
Thuiszorg wordt geregeld zo nodig. Verblijf in een revalidatiecentrum kan eveneens geregeld worden indien je dit wenst, geef je dit zeker aan bij opname dan kan de aanvraag tijdig ingediend worden